Stel je voor: een medicijn dat alleen de cellen aanvalt die het probleem veroorzaken, en de goede cellen met rust laat. Voor mensen met myositis zou dat een wereld van verschil maken. In een nieuw onderzoek, gefinancierd door het Spierfonds, werken onderzoekers aan het Amsterdam UMC aan zo’n slim medicijn: één dat precies weet waar het naartoe moet.
Schieten met hagel
Myositis is een spierziekte waarbij het eigen afweersysteem de spieren aanvalt. Niet expres, maar wel chronisch. De witte bloedcellen van het lichaam zien spierweefsel als iets vreemds en vallen het aan. Dit veroorzaakt ontstekingen, pijn en vermoeidheid, en maakt alledaagse dingen als lopen, eten of ademen voor veel mensen moeizaam. Bij sommige patiënten is de ziekte dodelijk.
De behandeling bestaat al jaren uit de corticosteroïden prednison of dexamethason, vaak voor de rest van iemands leven. Die medicijnen werken, maar ze schieten met hagel: het hele lichaam wordt blootgesteld, terwijl de aanval vooral in de spieren plaatsvindt. De bijwerkingen zijn ingrijpend: botontkalking, suikerziekte, gewichtstoename, mentale klachten en zelfs éxtra spierzwakte.
“De behandeling voor myositis moet beter, met minder bijwerkingen,” zegt dr. Joost Raaphorst, neuroloog en onderzoeker aan Amsterdam UMC. “Onze stip aan de horizon? Een prednison 2.0: werkt beter, met veel minder bijwerkingen.”
Piepkleine deeltjes als precisiewapen
Samen met prof. dr. Joke den Haan, hoogleraar translationele immunologie aan Amsterdam UMC, ontwikkelt Joost een nieuw type medicijn. Het idee: stuur het medicijn alleen naar de cellen die het probleem veroorzaken, en laat de rest met rust. Bij myositis zijn zogenoemde opruimcellen actief in de aangedane spieren. Joost en zijn team ontdekten dat deze opruimcellen bedekt zijn met een specifiek signaalstofje, Siglec-1. En Joke en haar team ontwikkelden piepkleine deeltjes, ‘nanobodies’, die zich heel precies aan dat signaalstofje binden.
Het plan is nu om dexamethason aan die nanobodies te koppelen. Zo kan het medicijn, de nanotherapie, rechtstreeks naar de opruimcellen worden gestuurd, zonder de rest van het lichaam te belasten. “Andere onderzoekers zijn er al in geslaagd om dexamethason aan nanobodies te koppelen,” legt Joke uit. “Wij willen dat nu doen met nanobodies die specifiek Siglec-1 herkennen. Als dat lukt, hoeven andere weefsels niet langer onnodig beschadigd te raken.”
Piepkleine deeltjes als precisiewapen
Samen met prof. dr. Joke den Haan, hoogleraar translationele immunologie aan Amsterdam UMC, ontwikkelt Joost een nieuw type medicijn. Het idee: stuur het medicijn alleen naar de cellen die het probleem veroorzaken, en laat de rest met rust. Bij myositis zijn zogenoemde opruimcellen actief in de aangedane spieren. Joost en zijn team ontdekten dat deze opruimcellen bedekt zijn met een specifiek signaalstofje, Siglec-1. En Joke en haar team ontwikkelden piepkleine deeltjes, ‘nanobodies’, die zich heel precies aan dat signaalstofje binden.
Het plan is nu om dexamethason aan die nanobodies te koppelen. Zo kan het medicijn, de nanotherapie, rechtstreeks naar de opruimcellen worden gestuurd, zonder de rest van het lichaam te belasten. “Andere onderzoekers zijn er al in geslaagd om dexamethason aan nanobodies te koppelen,” legt Joke uit. “Wij willen dat nu doen met nanobodies die specifiek Siglec-1 herkennen. Als dat lukt, hoeven andere weefsels niet langer onnodig beschadigd te raken.”
Een toevallige ontmoeting
Wat dit project extra bijzonder maakt, is de samenwerking zelf. “Joke werkt al jaren aan Siglec-1, het signaalstofje dat nu ook bij myositis een sleutelrol blijkt te spelen”, vertelt Joost. “Wij ontmoetten elkaar nadat ik een presentatie gaf. We kwamen al snel te spreken over Siglec-1 en het idee voor dit onderzoek is daar ter plekke ontstaan. Bij wijzen van spreken nog voordat de koffie op was. Samen met neuropatholoog prof. dr. Eleonora Aronica hebben we de eerste data verzameld die nu tot dit nieuwe onderzoek hebben geleid. Dat soort toevalligheden zijn heel leuk en werken stimulerend. En hopelijk ook versterkend.”
In dit tweejarige onderzoek, mogelijk gemaakt door het Spierfonds, testen de onderzoekers verschillende nanobody-dexamethason combinaties. Dat doen ze eerst in het laboratorium, daarna met cellen uit bloed en spierbiopten van patiënten met myositis. Als het onderzoek slaagt, is een klinische trial de volgende stap. En de impact reikt mogelijk verder dan myositis. “Ook patiënten met andere ziekten waarbij Siglec-1 een rol speelt, zoals lupus of neuropathie door vasculitis, zouden kunnen profiteren”, eindigt Joost. “Het spreekwoordelijke mes kan dus aan twee kanten snijden.
